ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en afwijzing bijstandsaanvragen wegens niet-nakoming inlichtingenplicht bij hennepdrogerij
Appellante ontving sinds 2004 bijstand als alleenstaande ouder. In 2009 werd bij een politieonderzoek een hennepdrogerij aangetroffen in een schuur bij haar woonwagen, met ruim 150 kilogram henneptoppen. De politie verhoorde appellante als verdachte. Naar aanleiding hiervan stelde de gemeente Eindhoven een onderzoek in naar de rechtmatigheid van de bijstand, waarbij bleek dat appellante niet voldeed aan haar inlichtingenplicht.
Het college trok de bijstand per 7 april 2009 in en vorderde de kosten terug, omdat appellante niet had gemeld dat zij een hennepdrogerij exploiteerde en geen nadere gegevens had verstrekt over de opbrengsten. Nieuwe bijstandsaanvragen werden afgewezen wegens het niet overleggen van gevraagde gegevens over de woonwagen en de hennepdrogerij. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond.
Appellante stelde dat zij geen zeggenschap had over de schuur en niet betrokken was bij de hennepdrogerij, maar de Raad oordeelde dat de schuur binnen haar terrein lag, stroom kreeg van haar woonwagen en dat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat derden de hennepdrogerij exploiteerden. Ook gaf zij onvoldoende inzicht in haar vermogenspositie, onder meer door onduidelijkheid over de waarde van haar woonwagen.
De Raad verwierp alle grieven en bevestigde de uitspraken van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en afwijzing van bijstandsaanvragen wegens niet-nakoming van de inlichtingenplicht.