ECLI:NL:CRVB:2013:BY8776
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering werkleeraanbod en intrekking inkomensvoorziening op grond van niet-nakoming verplichtingen WIJ
Appellant ontving tot 1 juli 2010 algemene bijstand en kreeg daarna een inkomensvoorziening op grond van de Wet investeren in jongeren (WIJ). Het college stuurde hem brieven met uitnodigingen voor gesprekken op 31 augustus en 8 september 2010, waarop appellant niet verscheen. Na een oproep voor een gesprek op 24 september 2010 verscheen hij wederom niet.
Het college besloot daarop op 7 oktober 2010 het werkleeraanbod te weigeren en de inkomensvoorziening per 1 oktober 2010 in te trekken. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel en stelde vast dat appellant de brieven had ontvangen en dat zijn niet verschijnen terecht werd aangemerkt als het niet nakomen van zijn verplichtingen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij niet voldoende gelegenheid had gekregen te reageren op nieuwe informatie en dat hij dacht dat het gesprek over bezwaar tegen bijzondere bijstand zou gaan. De Raad oordeelde dat het college aannemelijk had gemaakt dat de brieven waren verzonden en ontvangen, dat het niet verschijnen aan appellant toe te rekenen was en dat het gesprek duidelijk ging over het werkleeraanbod. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van het werkleeraanbod en intrekking van de inkomensvoorziening worden bevestigd.