ECLI:NL:CRVB:2013:2751
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor vervanging cv-ketel wegens overschrijding vermogensgrens
Appellant vroeg bijstand aan op grond van de WWB, maar het college wees de aanvraag af vanwege overschrijding van de vermogensgrens, waarbij twee giften van zijn ouders werden meegerekend.
Vervolgens vroeg appellant bijzondere bijstand voor de vervanging van zijn cv-ketel, maar ook deze aanvraag werd afgewezen omdat de kosten tot de incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan behoren en niet voortvloeien uit bijzondere omstandigheden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij de giften niet voor de cv-ketel kon gebruiken en onvoldoende was geïnformeerd over zijn vermogenspositie.
De Raad oordeelde dat de giften tot het vermogen behoren en dat appellant ervoor koos deze niet aan te wenden, waardoor het college terecht het vermogen heeft betrokken bij de beoordeling. Ook is het niet verplicht dat het college informeert over het moment waarop het vermogen weer toereikend is.
Het hoger beroep wordt verworpen en de afwijzing van de bijzondere bijstand bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand voor vervanging van de cv-ketel wordt bevestigd vanwege overschrijding van de vermogensgrens en het ontbreken van bijzondere omstandigheden.