ECLI:NL:CRVB:2013:1949
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens onvoldoende onderhoudsbewijs
Appellant vroeg kinderbijslag aan voor zijn twee kinderen die in Polen bij zijn echtgenote wonen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) weigerde de aanvraag omdat appellant niet voldeed aan de onderhoudseis en vermoedelijk niet ingezetene van Nederland was gedurende de relevante kwartalen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens gebrekkige motivering, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep staat centraal of appellant recht heeft op kinderbijslag voor de periode van het derde kwartaal 2010 tot en met het eerste kwartaal 2011.
De Raad constateert onvoldoende bewijs dat appellant voldoende heeft bijgedragen aan het onderhoud van zijn kinderen. De door appellant overgelegde bewijsstukken, zoals pinopnames en bonnen in Polen, zijn onvoldoende controleerbaar en niet gericht aan de verzorgende ouder. Ook is onduidelijk wanneer en hoe lang appellant in Nederland verbleef.
De Raad oordeelt dat appellant niet voldeed aan de onderhoudsvoorwaarde van de Algemene Kinderbijslagwet en bevestigt daarom de geweigerde kinderbijslag. Een veroordeling in proceskosten wordt niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag wegens onvoldoende bewijs van onderhoudsbijdrage.