ECLI:NL:CRVB:2013:1622
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Betrokkene ontving van 1997 tot 2010 bijstand als alleenstaande. Naar aanleiding van fraudesignalen over de verkoop van ijs en frisdrank werd een onderzoek ingesteld door de gemeente Sittard-Geleen. Dit leidde tot een besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand over de maanden mei tot en met augustus van 2001 tot 2009, omdat betrokkene werkzaamheden had verricht zonder een deugdelijke administratie te overleggen en zijn inlichtingenverplichting had geschonden.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene deels gegrond en vernietigde het besluit voor de jaren 2001 tot en met 2003, waarbij werd aangenomen dat betrokkene erop mocht vertrouwen dat hij voldeed aan zijn inlichtingenverplichting. Het college ging hiertegen in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat betrokkene niet al zijn inkomsten had opgegeven en daarmee zijn inlichtingenverplichting had geschonden. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of hij recht had op bijstand. Betrokkene slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij recht had op bijstand indien hij wel aan zijn verplichtingen had voldaan. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van het college gegrond, waardoor de intrekking en terugvordering van bijstand terecht was.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting is rechtsgeldig verklaard.