ECLI:NL:CRVB:2012:BY7653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit intrekking en terugvordering bijstand wegens onzorgvuldige motivering en onvoldoende bewijs
Betrokkene ontving bijstand over meerdere perioden en werd onderzocht op grond van vermoedens van vermogen in Turkije en het niet hebben van hoofdverblijf op het opgegeven adres. Het college trok de bijstand in en vorderde kosten terug wegens vermeend bezit van onroerend goed boven de vermogensgrens en het ontbreken van hoofdverblijf op het uitkeringsadres.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit voor de periode van 1 september 2009 tot 1 april 2010, omdat onvoldoende feitelijke grondslag bestond voor het standpunt dat betrokkene niet op het opgegeven adres woonde. De Raad bevestigt dat het besluit voor de eerste periode onzorgvuldig is voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, met name omdat het college de verkoop van het onroerend goed in Turkije niet aannemelijk heeft gemaakt.
De Raad oordeelt dat het taxatierapport van 2009 betrouwbaar is en verwerpt het verweer dat de waarde van het onroerend goed in periode 2 gelijk was aan nul. Ook acht de Raad de verklaringen van getuigen en de waarneming van de sociale recherche onvoldoende om te concluderen dat betrokkene niet zijn hoofdverblijf had op het opgegeven adres.
De Raad draagt het college op het gebrek in het besluit te herstellen door nader onderzoek te verrichten naar de waarde van het onroerend goed in Turkije en wijst het beroep van betrokkene ten dele toe en dat van het college af.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt deels vernietigd wegens onzorgvuldige motivering en onvoldoende bewijs; het college moet het besluit herstellen.