ECLI:NL:CRVB:2012:BY4499
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Beëindiging recht op ziekengeld na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant was werkzaam als productiemedewerker/inpakker en meldde zich ziek met rug- en psychische klachten. Na beëindiging van het dienstverband kreeg hij een Ziektewetuitkering toegekend. Het UWV beëindigde het recht op ziekengeld per 9 februari 2010 na een medisch onderzoek.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de bezwaarverzekeringsarts concludeerde na dossieronderzoek en eigen onderzoek dat appellant geschikt was voor zijn werk, ondanks enkele beperkingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde dat het onderzoek zorgvuldig was.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn stellingen, maar de Raad vond geen aanleiding om het eerdere oordeel te wijzigen. De medische informatie die appellant overlegde was onvoldoende om het standpunt te weerleggen dat hij zijn arbeid kon hervatten. De Raad bevestigde het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van het recht op ziekengeld per 9 februari 2010.