ECLI:NL:CRVB:2012:BY3917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeschiktheid voor arbeid per 29 november 2010 niet aannemelijk bij bekkenklachten
Appellante ontving een uitkering na zwangerschap en meldde zich ziek met bekkenklachten. Het UWV verklaarde haar per 22 november 2010 geschikt voor arbeid als kraamverzorgster. Appellante was het hier niet mee eens en maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank gaf de rapportages van de bezwaarverzekeringsarts doorslaggevende waarde en vond geen aanwijzingen voor beperkingen door bekkeninstabiliteit.
In hoger beroep handhaafde appellante haar standpunt en overlegde aanvullende medische informatie, waaronder röntgenfoto’s en rapporten van haar orthopedisch chirurg en radioloog. De Raad stelde vast dat het bij verzekeringsgeneeskundig onderzoek gaat om beperkingen voor arbeid, waarbij een diagnose of eigen opvatting niet doorslaggevend is.
De bezwaarverzekeringsarts motiveerde overtuigend waarom de aanvullende medische informatie geen aanleiding gaf het eerdere standpunt te wijzigen. De Raad concludeerde dat de klachten en mogelijke symfysiolyse geen reden zijn om appellante ongeschikt te achten per de datum in geding. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.