ECLI:NL:CRVB:2012:BY0250
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-melden inkomsten uit prostitutieactiviteiten
Appellant ontving bijstand en werd na een anonieme tip onderzocht door de gemeente ’s-Gravenhage wegens vermoedens van het exploiteren van prostitutie in zijn woning. Uit onderzoek, huisbezoeken en verklaringen bleek dat appellant zijn woning beschikbaar stelde voor prostitutieactiviteiten en inkomsten ontving, zonder dit te melden.
Het college besloot daarop de bijstand over een bepaalde periode in te trekken en de onterecht ontvangen bijstand terug te vorderen, inclusief een brutering met loonheffing vanwege niet-tijdige betaling. Appellant voerde aan dat hij de Nederlandse taal onvoldoende machtig was en dat het college niet in redelijkheid tot brutering kon overgaan.
De rechtbank verklaarde de beroepen niet-ontvankelijk en ongegrond. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraken, wijst het verweer van appellant af en oordeelt dat het college terecht de bijstand heeft ingetrokken en teruggevorderd wegens schending van de inlichtingenplicht. Ook is de brutering terecht toegepast. De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-melden van inkomsten uit prostitutieactiviteiten worden bevestigd.