ECLI:NL:CRVB:2012:BX7029
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- M.C. Bruning
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen weigering WAO-uitkering wegens niet vervulde wachttijd
Appellante diende op 5 juni 2009 een aanvraag in voor een WAO-uitkering, welke door het UWV op 20 januari 2010 werd afgewezen omdat zij de vereiste wachttijd van 52 weken niet had vervuld vanaf de gestelde aanvangsdatum van haar arbeidsongeschiktheid op 16 december 1998.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, stellende dat de medische rapporten voldoende waren en dat het UWV terecht oordeelde dat appellante niet arbeidsongeschikt was gedurende een onafgebroken periode van 52 weken. Tevens werd gewezen op het feit dat appellante in 1999 een opleiding succesvol had afgerond en op 6 september 1999 als hersteld werd verklaard.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt dat zij wel aan de wachttijd had voldaan. De Raad concludeerde dat de gronden van hoger beroep grotendeels een herhaling waren van eerdere bezwaren die reeds zorgvuldig waren beoordeeld door de rechtbank. Er waren geen nieuwe feiten of omstandigheden die tot een ander oordeel konden leiden.
Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep het bestreden besluit en wees tevens het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot afwijzing van de WAO-uitkering wordt bevestigd.