ECLI:NL:CRVB:2012:BX6672
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende inzicht in inkomsten
Appellanten vroegen op 24 september 2009 bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg wees de aanvraag af omdat appellanten niet konden aantonen hoe zij in de periode voorafgaand aan de aanvraag in hun levensonderhoud hadden voorzien.
Appellanten stelden dat zij geleefd hadden van geldleningen en overlegden verklaringen van derden over verstrekte leningen. Deze verklaringen waren echter ongedateerd en de daarin genoemde bedragen kwamen niet overeen met de kasstortingen op de bankrekening. De herkomst van de stortingen bleef onduidelijk. De rechtbank oordeelde daarom terecht dat appellanten onvoldoende inzicht hadden verschaft en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep voerden appellanten aan dat het college later bijstand had toegekend bij een andere aanvraag zonder aanvullende bescheiden. De Raad oordeelde dat dit niet relevant was voor de beoordeling van de onderhavige aanvraag vanwege de andere beoordelingsperiode.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd wegens onvoldoende inzicht in de herkomst van kasstortingen en het levensonderhoud.