ECLI:NL:CRVB:2012:BW4709
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correcte vaststelling dagloon en duur WGA-uitkering bij meerdere dienstverbanden
Appellant had bij drie werkgevers gewerkt en was arbeidsongeschikt geraakt. Het UWV stelde het dagloon vast op basis van de verdiensten bij alle werkgevers in het refertejaar en kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe van 11 juli 2008 tot 11 maart 2010, met een verlenging tot 11 februari 2011 vanwege latere uitval bij de derde werkgever.
Appellant voerde aan dat een tweede refertejaar en een hoger dagloon aan de orde waren vanwege zijn uitval bij de derde werkgever, maar de Raad oordeelde dat volgens de Wet WIA slechts één recht op WGA-uitkering en één refertejaar geldt. Het UWV had het dagloon correct berekend, waarbij het loon uit alle dienstbetrekkingen in aanmerking werd genomen.
De Raad wees ook de stelling van appellant af dat het UWV het loon uit de derde dienstbetrekking in mindering zou brengen zonder een apart besluit. De vermelding van het UWV was een feitelijke mededeling zonder rechtsgevolg. De aangevallen uitspraken van de rechtbank werden bevestigd en het hoger beroep van appellant werd verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraken worden bevestigd; het dagloon en de duur van de WGA-uitkering zijn correct vastgesteld.