ECLI:NL:CRVB:2012:BV7125
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- W.F. Claessens
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep bevestigt niet-ontvankelijkheid primair besluit bij ontbreken bijstandsaanvraag
Betrokkene meldde zich op 8 oktober 2008 bij de CWI om een bijstandsuitkering aan te vragen, maar kreeg geen aanvraagformulier uitgereikt omdat haar direct een werkaanbod werd gedaan. Betrokkene zag af van het indienen van een aanvraag, maar dit was niet uitdrukkelijk en zonder voorbehoud kenbaar gemaakt. De CWI heeft nagelaten betrokkene daadwerkelijk in de gelegenheid te stellen een aanvraag in te dienen.
Appellant verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen het uitblijven van een besluit niet-ontvankelijk omdat geen aanvraag tot stand was gekomen. De rechtbank vernietigde dit besluit en beval nadere primaire besluitvorming. Appellant voerde in hoger beroep aan dat betrokkene geen aanvraag wilde indienen en dat zij geen procesbelang meer had omdat zij was verhuisd.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene uitdrukkelijk heeft afgezien van een aanvraag. Gezien het wettelijke kader had de CWI betrokkene in de gelegenheid moeten stellen een aanvraag in te dienen. Het verzuim van de CWI wordt aan appellant toegerekend. De brief van betrokkene van 25 februari 2009 is een verzoek om een primair besluit, geen bezwaarschrift. Het hoger beroep faalt, de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd waarbij appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.