ECLI:NL:CRVB:2012:BV0168
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening besluit bijstand wegens ontbreken nieuw feit
Appellante verzocht herziening van een besluit uit 2001 waarbij haar bijstand werd ingetrokken wegens het niet melden van samenwoning met een partner. Zij stelde dat zij destijds niet met die persoon had samengewoond en dat er sprake was van persoonsverwisseling met haar tweelingzus. Tevens voerde zij aan dat haar psychische gesteldheid haar verhinderde hoger beroep in te stellen.
De Raad overwoog dat de stellingen van appellante niet als nieuw feit of veranderde omstandigheid konden worden aangemerkt, aangezien deze reeds in eerdere procedures aan de orde waren gesteld. De verklaringen van appellante en de partner bij de politie, waarin samenwoning werd bevestigd, werden als overtuigend beschouwd. De vermeende persoonsverwisseling werd als ongeloofwaardig beoordeeld.
De Raad wees ook het verzoek af om de kinderen van appellante te horen, omdat hun verklaringen geen nieuw feit vormden en appellante zelf verantwoordelijk was voor het aanleveren van nieuwe feiten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.