ECLI:NL:CRVB:2011:BU9131
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen weigering eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening
De zaak betreft het hoger beroep van de erven van betrokkene tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem, waarin het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Betrokkene had geen recht op een eenmalige tegemoetkoming op grond van de Tijdelijke Regeling eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening (TRP), omdat zij langer dan 18 jaar gehuwd was en tijdens het huwelijk een minderjarig kind had. De tegemoetkoming is bedoeld voor minder bedeelde alleenstaande ouderen en kan niet aan erven worden uitgekeerd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de TRP niet expliciet in de Beroepswet is opgenomen, maar dat er voldoende verwantschap is met sociale zekerheidswetten om bevoegdheid tot behandeling van het hoger beroep aan te nemen. De Raad bevestigt dat de regeling bepaalt dat de tegemoetkoming alleen aan rechthebbenden in leven wordt uitgekeerd en niet overdraagbaar is.
De appellanten stelden dat de regeling niet strikt letterlijk moest worden uitgelegd, omdat anders bezwaar en beroep feitelijk onmogelijk zouden zijn. Dit verweer wordt verworpen. De Raad sluit zich aan bij de rechtbank dat de appellanten geen procesbelang hebben, omdat zij het beoogde resultaat niet kunnen bereiken. Het beroep is daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van de erven wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.