ECLI:NL:CRVB:2011:BU5544
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vordering wegens meerinkomen studiefinanciering 2007 ondanks omzetting prestatiebeurs in gift
Appellant had voor het jaar 2007 studiefinanciering ontvangen in de vorm van een basisbeurs en een OV-studentenkaart. Na controle van de bijverdiensten door de Belastingdienst stelde de Minister bij besluit een vordering wegens meerinkomen vast. Appellant maakte bezwaar tegen deze vordering, stellende dat het recht op de vordering was verwerkt omdat de prestatiebeurs vanwege het behalen van een diploma was omgezet in een gift.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad overwoog dat de vaststelling van meerinkomen geen invloed heeft op het recht op studiefinanciering, maar leidt tot een zelfstandige vordering. De omzetting van de prestatiebeurs in een gift staat niet in de weg aan het opleggen van een vordering op grond van artikel 3.17, zevende lid, van de Wsf 2000.
De Raad verwees naar een eerdere uitspraak van 5 oktober 2007 (LJN BB5407) ter onderbouwing van deze uitleg. Er is geen sprake van verwerking van het recht zoals appellant had aangevoerd. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Almelo werd bevestigd, en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vordering wegens meerinkomen ondanks omzetting van de prestatiebeurs in een gift.