ECLI:NL:CRVB:2011:BR5302
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatie eigen risico Zvw 2008 wegens onvoldoende medicijnaflevering
Betrokkene diende een aanvraag in voor compensatie van het eigen risico over 2008, welke door het CAK werd afgewezen omdat niet aan de voorwaarden werd voldaan. Betrokkene maakte bezwaar en stelde dat zij wel recht had op compensatie vanwege medicijngebruik. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en kende compensatie toe, stellende dat de strikte maatstaf van afgeleverde medicijnen per jaar niet strookt met het doel van de wet.
Het CAK ging in hoger beroep en stelde dat de rechtbank een onjuiste maatstaf hanteerde. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de maatstaf voor compensatie gebaseerd moet zijn op de aflevering van meer dan 180 standaard dagdoseringen (DDD's) van relevante geneesmiddelen in beide refertejaren, conform de ministeriële regeling en eerdere jurisprudentie.
De Raad stelde vast dat betrokkene in 2006 meer dan 180 DDD's had ontvangen, maar in 2007 precies 180 DDD's, waardoor niet aan de voorwaarde voor beide jaren werd voldaan. Tevens concludeerde de Raad dat betrokkene ten onrechte niet is gehoord tijdens het bezwaarproces, wat een schending van de hoorplicht inhoudt. Desondanks handhaafde de Raad de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit, waardoor de afwijzing van de compensatie blijft staan.
De uitspraak benadrukt het belang van de wettelijke maatstaf voor medicijnaflevering en bevestigt dat het feitelijk gebruik niet maatgevend is voor compensatie. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het CAK, maar laat de afwijzing van de compensatie in stand.
Uitkomst: De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en bevestigt dat betrokkene geen recht heeft op compensatie eigen risico 2008.