ECLI:NL:CRVB:2011:BQ4201
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Geen recht op ziekengeld wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag
De zaak betreft het hoger beroep van appellant en appellante tegen het besluit van het UWV om het recht op ziekengeld te weigeren. Appellant was sinds 2000 gedeeltelijk werkzaam als algemeen medewerker en ontving een gedeeltelijke WAO-uitkering. Na ziekmelding op 5 december 2007 stelde het UWV dat appellant niet ongeschikt was voor arbeid en weigerde ziekengeld.
De rechtbank vernietigde eerdere besluiten wegens onvoldoende onderzoek naar psychiatrische behandeling, maar het UWV stelde een nieuw besluit op bezwaar vast. De Raad overwoog dat er geen behandelcontacten met een psychiater waren in de relevante periode en dat de belastbaarheid van appellant niet gewijzigd was.
De Raad oordeelde dat het UWV terecht uitging van de combinatie van werkzaamheden en eerder toegekende functies als maatstaf voor arbeid. Het hoger beroep faalde, en de besluiten van 23 juni 2009 werden bevestigd. Er was geen noodzaak tot hernieuwd horen van appellanten en geen reden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het recht op ziekengeld wordt geweigerd.