ECLI:NL:CRVB:2011:BP7216
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV met veroordeling in proceskosten en wettelijke rente
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam inzake een geschil met het UWV. Tijdens de procedure heeft het UWV op 16 juni 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen waarin het geheel aan het bezwaar van appellante tegemoetkwam.
Op de zitting van 23 februari 2011 heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht het UWV te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten, wettelijke rente over de na te betalen uitkering en kosten van deskundigen. De Raad overweegt dat bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming het bestuursorgaan op verzoek kan worden veroordeeld tot vergoeding van schade en kosten conform de Algemene wet bestuursrecht en de Beroepswet.
De Raad wijst het verzoek toe tot vergoeding van de wettelijke rente en proceskosten voor rechtsbijstand in beroep en hoger beroep, begroot op in totaal €1.288,--. De kosten van (medisch) deskundigen worden niet vergoed, met verwijzing naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat rapporten van Instituut Psychosofia niet als medische deskundigenrapporten gelden. Vergoeding van griffierecht dient appellante rechtstreeks bij het UWV te vorderen.
De uitspraak is gedaan door rechter C.P.J. Goorden en griffier M. Mostert op 9 maart 2011.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en wettelijke rente, terwijl kosten van deskundigen niet worden vergoed.