ECLI:NL:CRVB:1995:ZB1495
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- H.J. Grendel
- F.P. Zwart
- Rechtspraak.nl
Herziening arbeidsongeschiktheidsuitkering en toekenning wettelijke rente bij te late betaling
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van de Nieuwe Industriële Bedrijfsvereniging om zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering per 1 september 1992 te verlagen van een mate van 80-100% naar 25-35%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad stelde vast dat de medische rapporten van internist H.S. Schneider en dr. H.S. Tan een arbeidsongeschiktheid van 35-45% per 1 september 1992 rechtvaardigen, en dat de eerder gehanteerde 25-35% onjuist was. Daarnaast oordeelde de Raad dat appellant recht heeft op vergoeding van wettelijke rente over de te laat betaalde uitkeringen vanaf 1 oktober 1992, berekend over het bruto bedrag minus verrekeningen op grond van andere sociale zekerheidswetten.
De Raad vernietigde de eerdere uitspraak en het besluit voor zover deze uitgingen van een lagere mate van arbeidsongeschiktheid, stelde de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 35-45%, veroordeelde de Nieuwe Industriële Bedrijfsvereniging tot betaling van de wettelijke rente en proceskosten, en gelastte de vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De mate van arbeidsongeschiktheid wordt vastgesteld op 35-45% per 1 september 1992 en de Nieuwe Industriële Bedrijfsvereniging wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten.