ECLI:NL:CRVB:2011:BP7041
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende inlichtingen over besteding verkoopopbrengst chalet
Appellante en haar echtgenoot wonnen in 2003 een groot geldbedrag en kochten een chalet dat zij in 2006 verkochten voor €175.000. Kort daarna werd appellante in voorlopige hechtenis gesteld en vroeg zij bijstand aan. De gemeente weigerde de bijstand omdat appellante onvoldoende bewijs leverde over de besteding van de verkoopopbrengst, met name over de aflossing van schulden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze weigering ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelde vast dat de bewijslast voor de bijstandbehoevendheid bij appellante lag en dat zij onvoldoende schriftelijke en verifieerbare bewijsstukken had overgelegd.
Ondanks haar verklaring over de bestedingen, waaronder aflossing van schulden en gokuitgaven, kon zij niet aantonen waar een aanzienlijk deel van het bedrag was gebleven. Ook het argument dat conservatoir beslag op het chalet was gelegd, deed hier niet aan af. Daarom kon het recht op bijstand niet verantwoord worden vastgesteld en werd het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens onvoldoende verifieerbare inlichtingen over de besteding van de verkoopopbrengst.