ECLI:NL:CRVB:2011:BP1550
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake weigering Wajong-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid vóór 18 jaar
Betrokkene lijdt aan een psychotische stoornis die zich in 2003 openbaarde en stelt dat hij al op 17-jarige leeftijd arbeidsongeschikt was. Hij werkte meerdere jaren bij verschillende werkgevers, maar verloor zijn baan door faillissement en economische omstandigheden, niet door ongeschiktheid. Het UWV weigerde een Wajong-uitkering omdat betrokkene op zijn 18e minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht, gebaseerd op een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
De rechtbank oordeelde dat betrokkene volledig arbeidsongeschikt was vanwege ernstige psychische stoornissen, mede op basis van een getuigenverklaring van een oom en werkgever. Het UWV stelde echter dat het niet correct was dat zij niet op de hoogte was gesteld van deze getuigenoproeping, wat strijdig is met artikel 8:60 Awb Pro.
De Centrale Raad stelt vast dat het UWV niet is geïnformeerd over de getuigenoproeping en dat de beoordeling van de arbeidsongeschiktheid moet plaatsvinden op basis van de regelgeving die gold op de datum van de aanspraak, namelijk de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW). De Raad acht het onderzoek van de bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig en concludeert dat betrokkene op 17-18-jarige leeftijd in staat was passend werk te verrichten en het minimumloon te verdienen.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee de weigering van de Wajong-uitkering wordt bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.