ECLI:NL:CRVB:2010:BO3986
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- R.C. Stam
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Niet meewerken aan medisch onderzoek bij WIA-aanvraag leidt tot buiten behandeling laten en vernietiging terugvordering
Appellante diende een aanvraag in voor een WIA-uitkering, maar weigerde tijdens medisch onderzoek te spreken, wat door het UWV werd aangemerkt als niet meewerken. Het UWV liet daarop haar aanvraag buiten behandeling en beëindigde het voorschot, waarbij het onverschuldigd betaalde voorschot werd teruggevorderd. De rechtbank oordeelde dat artikel 46a WIA niet van toepassing was omdat appellante wel op het onderzoek verscheen, maar niet sprak, en handhaafde het besluit tot buiten behandeling laten.
In hoger beroep stelde appellante dat haar zwijgen niet haar kon worden aangerekend en dat de rechtbank ten onrechte geen deskundige benoemde om dit te onderzoeken. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat artikel 46a WIA ook ziet op het inhoudelijk niet meewerken aan een medisch onderzoek, zoals weigeren vragen te beantwoorden, en dat het UWV dit rechtsgevolg terecht toepaste.
De Raad vernietigde echter de besluiten van het UWV omdat het niet duidelijk was waarom het advies van de psychiater Trompenaars niet was gevolgd en omdat het UWV een nieuw besluit moest nemen op het bezwaar, waarbij ook de redenen van de behandelend psychiater Gülsacan betrokken moeten worden. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Besluiten van het UWV worden vernietigd en terugverwezen voor hernieuwde besluitvorming met vergoeding van proceskosten aan appellante.