ECLI:NL:CRVB:2010:BO1647
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en beoordeling urenbeperking werknemer
De zaak betreft een hoger beroep van appellante tegen een UWV-besluit waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid van een werknemer is vastgesteld zonder urenbeperking. De rechtbank had het geschil beperkt tot de vraag of een urenbeperking moest worden aangenomen, maar de Raad oordeelt dat deze beperking ten onrechte was en vernietigt het vonnis.
De Raad beoordeelt het bestreden besluit zelf en concludeert dat het medisch onderzoek door de verzekeringsartsen zorgvuldig is uitgevoerd. De bezwaarverzekeringsarts heeft de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) aangescherpt, maar vond een urenbeperking niet strikt noodzakelijk voor passend werk. Appellante's stellingen over onvoldoende motivatie en het ontbreken van lichamelijk onderzoek worden verworpen.
Ook de door appellante overgelegde medische rapportages en de bedrijfsarts worden door de Raad niet voldoende geacht om een urenbeperking te rechtvaardigen. De arbeidsdeskundige rapportages onderbouwen dat de geselecteerde functies medisch geschikt zijn voor de werknemer. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
De Raad veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellante en bepaalt dat het griffierecht wordt vergoed. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 oktober 2010.
Uitkomst: Het beroep tegen het UWV-besluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand zonder urenbeperking.