ECLI:NL:CRVB:2010:BN3780
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening bestuursrechtelijke uitspraak UWV
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek tot herziening ingediend van een eerdere uitspraak van 26 september 2008 betreffende een WAO-zaak. Het verzoek berustte op de stelling dat er sprake zou zijn van evidente onjuistheid, foutieve uitleg van jurisprudentie en nieuwe feiten en omstandigheden die niet in de eerdere procedure waren betrokken.
Tijdens de zitting op 9 juli 2010, waar verzoeker werd bijgestaan door zijn advocaat, heeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) zich niet laten vertegenwoordigen. De Raad heeft overwogen dat een hernieuwde beoordeling van de zaak niet mogelijk is zonder dat er nieuwe feiten of omstandigheden zijn zoals bedoeld in artikel 8:88, lid 1, van de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad concludeert dat het aanvullend verzoekschrift geen nieuwe feiten of omstandigheden bevat die een herziening rechtvaardigen. Daarnaast zijn er geen gronden aanwezig voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Daarom wordt het verzoek om herziening afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stam, in aanwezigheid van griffier M.A. van Amerongen, en uitgesproken in het openbaar op 6 augustus 2010.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.