ECLI:NL:CRVB:2010:BM7227
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor schulden telefoonabonnement zonder dringende redenen
Appellante had bijzondere bijstand aangevraagd voor de aflossing van een schuld van €1.886,94 bij KPN Mobile vanwege een telefoonabonnement. Het College van B&W wees deze aanvraag af op grond van artikel 13, lid 1, onder f, WWB omdat appellante beschikte over middelen om in haar noodzakelijke kosten te voorzien.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze afwijzing ongegrond. Appellante ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad stelde vast dat de rechtbank de uitspraak niet in het openbaar had gedaan, wat in strijd is met de Awb, en vernietigde daarom de uitspraak. De Raad besloot de zaak zelf af te doen.
De Raad oordeelde dat appellante geen recht had op bijzondere bijstand omdat zij op het moment van de factuurdata en daarna voldoende middelen had om in haar noodzakelijke kosten te voorzien, ondanks haar schuldsaneringstraject. Er waren geen zeer dringende redenen in de zin van artikel 49 WWB Pro die bijzondere bijstand rechtvaardigden. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de procedure binnen vier jaar was afgerond.
De Raad veroordeelde het College in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het betaalde griffierecht werd vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.