ECLI:NL:CRVB:2010:BL7364
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Stam
- R. Kruisdijk
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking WAO-uitkering en vaststelling arbeidsongeschiktheid
Appellant betwistte de intrekking van zijn WAO-uitkering en de vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheidspercentage door het UWV. De rechtbank had het bezwaar tegen de intrekking gegrond verklaard vanwege onvoldoende medische motivering en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Het UWV stelde vervolgens de arbeidsongeschiktheid vast op 25-35%, later aangepast naar 35-45% op basis van een rapport van een bezwaararbeidsdeskundige. Appellant voerde in hoger beroep opnieuw aan dat de beperkingen en geschiktheid van de functies onvoldoende waren onderbouwd en verzocht om benoeming van een deskundige.
De Raad onderschreef de medische en arbeidskundige grondslagen van het UWV, oordeelde dat de functies passend zijn en dat de wijziging van de maatmanomvang geen invloed heeft op de berekening van de arbeidsongeschiktheid. Het beroep tegen het laatste besluit werd ongegrond verklaard. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vaststelling van 35-45% arbeidsongeschiktheid wordt ongegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.