ECLI:NL:CRVB:2010:BL5470
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- M. Greebe
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling rugklachten
Appellante, een voormalige huishoudelijk medewerkster, ontving een WAO-uitkering wegens rugklachten met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Na een herbeoordeling in 2005 door verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, waarbij een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) werd vastgesteld, concludeerde het UWV dat appellante geschikt was voor andere functies met een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%, waarna haar uitkering werd ingetrokken.
Appellante maakte bezwaar en bracht medische informatie in, maar de bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige handhaafden grotendeels de eerdere conclusies, met een lichte aanpassing van de FML en een herziening van het arbeidsongeschiktheidspercentage naar 35-45%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bezwaarbesluit ongegrond en bevestigde het gewijzigde besluit.
In hoger beroep voerde appellante dezelfde gronden aan en overhandigde zij een nieuw UWV-besluit uit 2008 waarin haar arbeidsongeschiktheid opnieuw op 80-100% werd vastgesteld. De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij volledig arbeidsongeschikt was. Ook de geschiktheid voor de functies waarop de beoordeling was gebaseerd, was voldoende aangetoond. Daarom werd de aangevallen uitspraak bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd wegens onvoldoende aannemelijkheid van volledige arbeidsongeschiktheid.