ECLI:NL:CRVB:2010:BL3859
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling maatmaninkomen en terugvordering WAO-uitkering ondanks ontbreken loongegevens oude werkgever
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van het UWV tot herziening en terugvordering van zijn WAO-uitkering over 1997. De bezwaararbeidsdeskundige had het maatmaninkomen vastgesteld op basis van loongegevens van een vergelijkbare functie bij een technische groothandel, omdat geen betrouwbare gegevens van de oude werkgever verkregen konden worden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat appellant de gehanteerde loongegevens niet onderbouwd betwist had en geen eigen loongegevens van zijn oude werkgever had aangeleverd. In hoger beroep stelde appellant dat de gehanteerde functie niet representatief was voor zijn vroegere functie, maar kon geen aanvullende gegevens verstrekken ondanks verzoeken van de Raad.
De Raad overwoog dat het ontbreken van loongegevens bij de oude werkgever niet leidt tot onzorgvuldigheid in de vaststelling van het maatmaninkomen. Ook wezen de dossierstukken, waaronder stukken uit 1968 over het dagloon, niet op tekortkomingen in de vaststelling. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep af.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit tot herziening en terugvordering van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.