ECLI:NL:CRVB:2010:BL0341
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- R. Kooper
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet-melding bankrekeningen
Appellant ontving bijstand sinds 1985 en beschikte naast een bekende rekening over meerdere niet-gemelde bankrekeningen waarop aanzienlijke bedragen in contanten waren gestort. Het College stelde op basis hiervan de bijstand over diverse maanden herzien en een bedrag van €8.074,24 teruggevorderd.
Appellant voerde aan dat de gestorte bedragen giften waren voor zijn echtgenote, die geen recht op bijstand had, en dat de bedragen daarom buiten beschouwing moesten blijven. De Raad oordeelde dat het niet melden van de rekeningen een schending van de inlichtingenverplichting vormde en dat het saldo op de rekeningen als inkomen van appellant moest worden beschouwd, tenzij tegenbewijs werd geleverd.
Appellant slaagde er niet in dit tegenbewijs te leveren. De Raad vond geen bijzondere omstandigheden die het College zouden verplichten af te wijken van het beleid. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard en uitspraak rechtbank bevestigd.