ECLI:NL:CRVB:2009:BK8396
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Herroeping aflossingsbedrag bij terugvordering kosten bijstand wegens ontbreken inkomsten en vermogen
Appellant werd door het College van burgemeester en wethouders van Delft geconfronteerd met terugvordering van kosten van bijstand die aan hem en zijn echtgenote waren verstrekt. Het College stelde een aflossingsbedrag van €66 per maand vast, de minimale aflossingsnorm voor een alleenstaande.
Appellant gaf aan geen enkele bron van inkomsten of vermogen te hebben en dat zijn woonlasten werden voldaan door zijn zoon en diens vriendin. Het College betwistte deze opgave niet. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het aflossingsbesluit ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het College het aflossingsbedrag op €0 had moeten vaststellen vanwege het ontbreken van middelen bij appellant om af te lossen. Het besluit van 29 november 2007 werd vernietigd en het primaire besluit van 23 mei 2007 herroepen. Tevens veroordeelde de Raad het College tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten van appellant.
Uitkomst: Het aflossingsbedrag werd vastgesteld op €0 per maand en het bezwaarbesluit vernietigd.