ECLI:NL:CRVB:2009:BK8324
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken actueel procesbelang bij intrekking WGA-uitkering
Appellante, werkgever van een werknemer die een WGA-uitkering ontving, stelde beroep in tegen een besluit van het UWV dat het bezwaar tegen de toekenning van de uitkering ongegrond verklaarde. De werknemer was sinds april 2005 ziek en had een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend gekregen. Later werd deze uitkering geschorst en uiteindelijk ingetrokken vanwege het niet verstrekken van loonstroken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante met name vragen over de zorgvuldigheid van het medisch onderzoek door de verzekeringsartsen van het UWV. De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het toekenningsbesluit was ingetrokken, waardoor het bestreden besluit zijn grondslag verloor.
De Raad oordeelde dat appellante geen actueel procesbelang meer had bij een oordeel over het bestreden besluit, waardoor het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel procesbelang na intrekking van het toekenningsbesluit.