ECLI:NL:CRVB:2009:BK1827
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C. Bruning
- K.J. Kraan
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Geen onvoldoende zorgvuldig herplaatsingsonderzoek bij eervol ontslag ambtenaar defensie
Appellante was werkzaam bij het ministerie van Defensie en kreeg wegens opheffing van haar functie de status van herplaatsingskandidaat. Na een groeitraject bleek zij niet geschikt voor een nieuwe functie, waarna zij eervol ontslag kreeg wegens overtolligheid. De rechtbank verklaarde haar beroep tegen het ontslagbesluit niet-ontvankelijk omdat zij inmiddels een andere betrekking buiten Defensie had aanvaard en geen financieel belang zou hebben.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt anders en stelt vast dat appellante wel degelijk procesbelang heeft bij het beroep, omdat zij ongedaanmaking van het ontslag en herplaatsing nastreeft. De Raad beoordeelt het herplaatsingsonderzoek als voldoende zorgvuldig, gelet op de proactieve houding van de staatssecretaris, de interne en externe herplaatsingsactiviteiten, detachering en gevolgde opleidingen.
Omdat appellante geen concrete herplaatsingsmogelijkheden binnen Defensie heeft genoemd die zijn nagelaten, verklaart de Raad het beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt door de Raad zelf afgedaan. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht van appellante.
Uitkomst: Het beroep tegen het eervol ontslagbesluit wordt ongegrond verklaard wegens voldoende zorgvuldig herplaatsingsonderzoek.