ECLI:NL:CRVB:2009:BK1540
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Herroeping UWV-besluiten en toekenning schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Appellante ontving een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15 tot 25%, terwijl zij zich in 2000 als toegenomen arbeidsongeschikt meldde. Het UWV betaalde voorschotten op basis van een hogere arbeidsongeschiktheidsklasse, maar trok later de uitkering in en vorderde deze voorschotten terug. Na bezwaar en beroep verklaarde de rechtbank de besluiten van het UWV in stand, maar gaf aan dat het UWV een AMBER-beslissing moest nemen.
In hoger beroep stelde het UWV uiteindelijk bij gewijzigd besluit dat appellante over de periode van april 2000 tot september 2001 80 tot 100% arbeidsongeschikt was. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de eerdere besluiten van het UWV niet langer stand konden houden en vernietigde deze. Tevens herroept de Raad de primaire besluiten van mei 2005.
De Raad constateerde een overschrijding van de redelijke termijn van ruim twee jaar in de bestuursrechtelijke fase en veroordeelde het UWV tot betaling van een schadevergoeding van € 2.500,- aan appellante. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante in bezwaar, beroep en hoger beroep.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de besluiten van het UWV, herroept eerdere besluiten en veroordeelt het UWV tot betaling van € 2.500,- schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn.