ECLI:NL:CRVB:2009:BJ0714
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Stam
- A.A.H. Schifferstein
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, die wegens gezondheidsklachten arbeidsongeschikt is, vordert een WIA-uitkering. Het UWV heeft deze geweigerd omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank heeft het bezwaar ongegrond verklaard en het oordeel van de verzekeringsarts bevestigd dat appellante maximaal 32 uur per week kan werken.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het oordeel van de onafhankelijke deskundige Mašek, die een maximale werkcapaciteit van 32 uur per week vaststelde, in beginsel moet worden gevolgd. De Raad wijst het standpunt van het UWV af dat de urenbeperking genegeerd kan worden vanwege een maatvrouw van 20 uur per week. De functies waarop de schatting is gebaseerd, moeten aan de urenbeperking voldoen en voldoende arbeidsplaatsen omvatten.
De Raad bevestigt dat drie functies met voldoende arbeidsplaatsen en een urenomvang van maximaal 32 uur per week kunnen worden aangehouden, waaronder assistente consultatiebureau als reservefunctie. De Raad acht het niet nodig om een andere deskundige in te schakelen en houdt vast aan de beoordeling van de arbeidsongeschiktheid per 20 december 2006. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.