ECLI:NL:CRVB:2009:BI9300
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.C.F. Talman
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen verlaging toeslag bijstand wegens termijnoverschrijding
Appellante ontving bijstand met een toeslag van 20% vanaf september 1999, maar het College herzag dit en stelde vast dat recht bestond op een toeslag van 12%, met terugvordering van te veel ontvangen bijstand over de periode september 1999 tot oktober 2002.
Appellante diende een bezwaarschrift in tegen dit besluit, maar pas in december 2005 werd bezwaar gemaakt tegen de verlaging van de toeslag per november 2002. Het College verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en het ontbreken van een procesbelang.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Raad dat het bezwaarschrift van december 2002 zich uitsluitend richtte op het besluit van 13 december 2002 en niet op de verlaging per 1 november 2002, die besloten ligt in een specificatie.
Omdat het bezwaar tegen de verlaging buiten de wettelijke termijn van zes weken is ingediend en appellante geen verschoonbaarheid heeft aangevoerd, is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de verlaging van de toeslag bijstand is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.