ECLI:NL:CRVB:2009:BI7941
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verdeling kinderbijslag na echtscheiding en co-ouderschap
Appellant, gescheiden en co-ouder van drie kinderen, verzocht de Sociale Verzekeringsbank (Svb) om de helft van de kinderbijslag aan hem uit te betalen. De Svb weigerde dit op grond van een echtscheidingsconvenant waarin was overeengekomen dat de kinderbijslag aan de ex-partner wordt uitbetaald.
De rechtbank vernietigde het besluit van de Svb wegens schending van het recht op hoor en wederhoor, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit. In hoger beroep werd de instandhouding van deze rechtsgevolgen en de proceskosten besproken.
De Raad oordeelde dat appellant en zijn ex-partner een geldige regeling hebben getroffen over de verdeling van de kinderbijslag en dat er geen aanwijzingen zijn dat deze regeling niet wordt nagekomen of gewijzigd. De Raad verwierp de bezwaren van appellant tegen de motivering en procedure van de rechtbank en bevestigde de afwijzing van het verzoek om de kinderbijslag te verdelen.
De Raad wees ook het verzoek van appellant tot vergoeding van verletkosten af wegens gebrek aan onderbouwing. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek van appellant om de helft van de kinderbijslag te ontvangen wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.