ECLI:NL:CRVB:2009:BI5049
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van verlaging WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante maakte bezwaar tegen de verlaging van haar WAO-uitkering per 8 mei 2006, vastgesteld op een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond maar vernietigde het besluit op bezwaar, waarbij de rechtsgevolgen van het besluit in stand bleven. Appellante voerde aan dat de functionele mogelijkheden niet overeenkwamen met haar medische rapportages en verzocht om een onafhankelijke deskundige.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het medische onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan de beperkingen zoals vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst. Omdat appellante geen nieuwe medische informatie aanleverde die twijfel kon oproepen, zag de Raad geen reden tot benoeming van een onafhankelijke deskundige.
De Raad sloot zich aan bij de rechtbank dat appellante in staat is de voorgehouden functies te verrichten en bevestigde de aangevallen uitspraak. Het hoger beroep werd verworpen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af.