ECLI:NL:CRVB:2009:BI4624
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens onjuiste medische grondslag bevestigd door Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving sinds 2001 een WAO-uitkering wegens longklachten met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. In 2005 werd haar uitkering herzien naar 55-65% arbeidsongeschiktheid, gebaseerd op een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) die uitging van een belastbaarheid van 20 uur per week. Betrokkene maakte bezwaar tegen dit besluit, dat werd afgewezen.
De rechtbank raadpleegde een onafhankelijke longarts, dr. Melissant, die concludeerde dat betrokkene in 2005 niet belastbaar was voor 20 uur per week vanwege een verslechterde longfunctie, en dat pas in 2007 sprake was van een verbetering die 20 uur werken mogelijk maakte. Het UWV betwistte dit in hoger beroep, maar de Raad oordeelde dat het UWV de brief van Melissant verkeerd had geïnterpreteerd.
De Centrale Raad bevestigde dat het bestreden besluit op een onjuiste medische grondslag berust en vernietigde het besluit. Tevens veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van betrokkene. Hiermee werd de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd en het UWV verplicht tot herziening van de uitkering met inachtneming van de juiste medische beoordeling.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot herziening van de WAO-uitkering is vernietigd wegens onjuiste medische grondslag en het UWV is veroordeeld tot betaling van proceskosten.