ECLI:NL:CRVB:2009:BI0971
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering en toekenning WAO-uitkering met geschil over mate arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig secretaresse, viel uit wegens klachten na een ski-ongeval. Het UWV weigerde aanvankelijk een WAO-uitkering, waarna de rechtbank dit besluit vernietigde maar de rechtsgevolgen in stand liet. In hoger beroep stelde appellante dat zij meer beperkingen had dan vastgesteld en vroeg om schadevergoeding.
Het UWV wijzigde het besluit en kende een WAO-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 15-25%. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat er geen objectief-medische aanwijzingen waren voor een hogere mate van arbeidsongeschiktheid dan vastgesteld in het tweede besluit. De Raad vond de medische rapporten van de bezwaarverzekeringsarts overtuigend en verwierp het rapport van de zenuwarts Busard wegens gebrek aan objectieve onderbouwing.
De Raad stelde vast dat er voldoende geschikte functies waren voor appellante en verklaarde het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de door appellante geleden schade door vertraagde uitkering en tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het tweede besluit wordt ongegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskostenbetaling.