ECLI:NL:CRVB:2009:BI0849
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens juiste vaststelling belastbaarheid
Appellant, die zich op 6 december 2004 ziekmeldde vanuit werkloosheid, vroeg op 4 september 2006 een WIA-uitkering aan. Het UWV besloot op 3 november 2006 deze uitkering te weigeren, omdat appellant ondanks beperkingen geschikt werd geacht voor bepaalde functies met minder dan 35% verlies aan verdiencapaciteit. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medische onderzoek en de vastgestelde beperkingen juist waren.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de rechtbank onvoldoende aandacht had besteed aan zijn depressieve klachten en dat een medische urenbeperking noodzakelijk was. De Raad stelde vast dat het onderzoek door de verzekeringsartsen zorgvuldig was uitgevoerd en dat de medische beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) terecht waren vastgesteld. Ook was er geen aanleiding om naast deze beperkingen een urenbeperking toe te kennen.
De Raad concludeerde dat de belastbaarheid van appellant niet werd overschreden bij de verrichte functies en dat de bezwaren onvoldoende waren onderbouwd. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens juiste vaststelling van de belastbaarheid en medische beperkingen.