ECLI:NL:CRVB:2009:BI0848
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende gemotiveerde urenbeperking bij CVS en DSPS
Appellante ontving sinds 2000 een WAO-uitkering wegens vermoeidheidsklachten. In 2005 werd deze uitkering ingetrokken omdat het UWV oordeelde dat zij ondanks beperkingen geschikt was voor bepaalde functies zonder dat sprake was van een verlies van verdiencapaciteit van meer dan 15%.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep tegen deze intrekking ongegrond en onderschreef het medisch oordeel van het UWV. Appellante stelde in hoger beroep dat haar aandoeningen CVS en DSPS leiden tot ernstige energietekorten en slaapstoornissen, waardoor een urenbeperking noodzakelijk is.
De Raad concludeerde dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom naast de beperking voor zware arbeid geen urenbeperking werd aangenomen, mede gelet op medische rapporten die wijzen op een slaaptekort en noodzaak tot inhalen van slaap. Tevens moest worden onderzocht of de arts die het primaire onderzoek verrichtte, wel een geregistreerd verzekeringsarts was.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en beval het UWV tot een nieuwe beslissing op bezwaar, met inachtneming van deze overwegingen. Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen het bezwaar opnieuw te beoordelen met inachtneming van de urenbeperking wegens energietekort en slaapbehoefte.