ECLI:NL:CRVB:2009:BH2919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- M.I. ’t Hooft
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Toestemming en vergoeding voor microscopische decompressie in Duitse kliniek
Appellante, verzekerd onder de Ziekenfondswet, leed aan langdurige rug- en beenklachten en werd voorgesteld voor een microscopische decompressie in de Alpha Klinik in Duitsland. Zilveren Kruis weigerde vergoeding op grond van het ontbreken van een geldige verwijzing en twijfel over de medische noodzaak en doelmatigheid van de behandeling.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond wegens het ontbreken van een geldige verwijzing. In hoger beroep stelde appellante dat zij wel verwezen was door haar huisarts en behandelend specialisten, en dat de behandeling niet in Nederland of België kon worden uitgevoerd.
De Raad oordeelde dat de verwijzing wel degelijk geldig was en dat Zilveren Kruis onvoldoende concreet had onderbouwd dat de behandeling binnen een aanvaardbare termijn in Nederland of een gecontracteerd ziekenhuis kon plaatsvinden. De medische indicatie werd bevestigd door behandelend specialisten. De Raad vernietigde het besluit en bepaalde dat Zilveren Kruis de kosten van de behandeling in redelijkheid moet vergoeden.
Daarnaast werd overwogen dat de Raad zelf in de zaak voorziet en dat de rechtszekerheid in de weg staat aan het handhaven van het eerdere standpunt van Zilveren Kruis. De proceskostenveroordeling werd afgewezen wegens gebrek aan bewijs van kosten.
Uitkomst: De Raad verleent toestemming en bepaalt dat Zilveren Kruis de kosten van de microscopische decompressie in Duitsland vergoedt.