ECLI:NL:CRVB:2009:BH0297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Appellant heeft tegen het besluit van het UWV, waarbij zijn WAO-uitkering werd beëindigd wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%, bezwaar gemaakt en later verzocht om herziening van dat besluit. Het UWV wees dit verzoek af, waarna appellant in beroep ging bij de rechtbank en vervolgens in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De rechtbank oordeelde dat appellant geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die een herziening van het eerdere besluit konden rechtvaardigen. De medische verklaringen die appellant overlegde, dateren van vóór het oorspronkelijke besluit en konden daarom niet als nieuw worden beschouwd. Het bezwaar werd dan ook ongegrond verklaard.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt dat het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op het eerdere besluit. Het hoger beroep wordt verworpen omdat er geen nieuwe gezichtspunten zijn die tot een ander oordeel leiden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de WAO-uitkering bevestigd.