ECLI:NL:CRVB:2008:BG7142
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WAZ-uitkering ondanks juiste arbeidsongeschiktheidsbeoordeling
Appellant, een zelfstandig varkensfokker, vroeg een WAZ-uitkering aan wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid. Het UWV weigerde deze op grond van een beoordeling dat appellant geschikt was voor bepaalde functies zonder verlies van verdiencapaciteit. Na bezwaar en beroep werd het besluit bevestigd door de rechtbank.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen, waaronder chronische pijn en de diagnose Complex Regionaal Pijnsyndroom (CRPS type 1), onvoldoende waren meegewogen. De Raad stelde vast dat het onderzoek door verzekeringsartsen zorgvuldig was en dat de beperkingen niet waren onderschat. Wel oordeelde de Raad dat de geschiktheid van de functies pas in hoger beroep voldoende gemotiveerd was.
Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen ervan in stand. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van de WAZ-uitkering wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.