ECLI:NL:CRVB:2008:BG5555
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens schending wrakingsprocedure in bestuurszaak over IOAW-beslag
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het College van burgemeester en wethouders van Apeldoorn inzake beslaglegging op zijn IOAW-uitkering door de Belastingdienst. Na afwijzing van het bezwaar door het College stelde appellant beroep in bij de rechtbank Zutphen. Hij diende tevens een wrakingsverzoek in tegen de rechters die zijn zaak behandelden, dat door de rechtbank niet-ontvankelijk werd verklaard en zonder zitting werd afgewezen.
In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep betoogde appellant dat zijn wrakingsverzoek niet correct was behandeld, omdat hij niet in de gelegenheid was gesteld zijn belangen mondeling te verdedigen en de beslissing niet openbaar was uitgesproken. De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het wrakingsverzoek niet ter zitting behandelde en appellant niet hoorde, waardoor essentiële procedurevoorschriften uit artikel 8:18 Awb Pro werden geschonden.
De Raad benadrukte het belang van zorgvuldige behandeling van wrakingsverzoeken vanwege de rechterlijke onpartijdigheid die op het spel staat. Gelet hierop vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug voor een correcte behandeling. Tevens bepaalde de Raad dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een zorgvuldige behandeling van het wrakingsverzoek en het beroep.