ECLI:NL:CRVB:2008:BF5282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit toeslag Wet werk en bijstand bij ongewijzigde woonsituatie zoons
Appellante ontving bijstand volgens de Wet werk en bijstand (WWB) en kreeg een toeslag van 5% omdat zij kosten deelde met anderen. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel wijzigde deze toeslag per 1 januari 2006 naar 10% van de gehuwdennorm. Appellante maakte bezwaar en stelde dat zij recht had op 20% toeslag omdat haar twee meerderjarige zoons niet meer op haar adres woonden, maar elders bij de ouders van hun vriendinnen verbleven.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat de zoons ten tijde van het geding nog op het adres van appellante woonden, omdat hun bezittingen daar stonden, zij ingeschreven bleven in de gemeentelijke basisadministratie en geen zelfstandig woonadres hadden. Het feit dat zij regelmatig elders verbleven deed hieraan niet af.
Daarom was het College terecht uitgegaan van een toeslag van 10% en niet van 20%. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De toeslag van 10% op de bijstand is terecht vastgesteld omdat de zoons van appellante nog op haar adres stonden ingeschreven.