ECLI:NL:CRVB:2008:BF0507
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens hennepkwekerij en schending inlichtingenplicht
Appellante ontving vanaf maart 2003 bijstand als alleenstaande ouder. In 2005 werd in haar woning een hennepkwekerij met 177 planten aangetroffen. Het College van burgemeester en wethouders van Landgraaf trok daarop het recht op bijstand over de periode van 18 januari tot en met 22 maart 2005 in en vorderde de kosten van bijstand terug.
Appellante maakte bezwaar tegen deze besluiten, stellende dat er geen inkomsten uit de kwekerij waren verkregen omdat er niet was geoogst. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat de jurisprudentie van de Centrale Raad niet op haar situatie van toepassing was vanwege de korte duur en het ontbreken van oogst.
De Raad oordeelde dat het opzetten en in stand houden van een hennepkwekerij een relevante omstandigheid is voor de bijstand, ongeacht of er inkomsten zijn genoten. Appellante had haar betrokkenheid en inkomsten niet aannemelijk gemaakt en had de inlichtingenplicht geschonden. Het College was bevoegd tot intrekking en terugvordering. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens de hennepkwekerij en schending van de inlichtingenplicht wordt bevestigd.