ECLI:NL:CRVB:2008:BE2735
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellant verzocht om een WAO-uitkering, die door het UWV werd geweigerd omdat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg. Na bezwaar wees het UWV het bezwaar af. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moest nemen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed, zonder proceskostenveroordeling.
Appellant ging in hoger beroep tegen het ontbreken van een proceskostenveroordeling en stelde dat het UWV in de kosten veroordeeld moest worden, omdat het beroep gegrond werd verklaard en geen uitzonderingen van verwijtbaarheid of formele vernietiging van toepassing waren.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de rechtsbijstand verleend door medewerkers van een vakbond als beroepsmatig moet worden aangemerkt. De Raad vernietigde het bestreden vonnis voor zover het de proceskosten betrof en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant in bezwaar, beroep en hoger beroep, alsmede het griffierecht.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierecht aan appellant.