ECLI:NL:CRVB:2008:BD9348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen inhouding bijstand wegens derdenbeslag niet-ontvankelijk verklaard
Appellant ontving algemene bijstand samen met zijn echtgenote en onderging inhoudingen op zijn uitkering vanwege derdenbeslag door een deurwaarder. Hij maakte bezwaar tegen de hoogte van de inhouding en de inhouding van vakantiegeld, maar dit bezwaar werd door het College niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaarperiode.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, maar de appellant ging in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep beoordeelde primair of het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard. Uit het dossier bleek dat appellant niet had voldaan aan zijn verplichting om te verduidelijken tegen welke specificatie het bezwaar was gericht en dat de specificatie over oktober 2005 geen besluit van een bestuursorgaan was.
Verder was het bezwaar tegen de inhouding van vakantiegeld te laat ingediend, waardoor het bezwaar niet ontvankelijk was. De Raad concludeerde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de inhouding van bijstand wegens derdenbeslag is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en het ontbreken van een besluit.